Vol 92 Nr 2 (2015)

Gepubliceerd: 2015-01-01

Artikel

  • Het effect van schoolcultuur op het verloop van zelfevaluaties: een padmodel vanuit lerarenperspectief

    J. Vanhoof, P. Petegem , S. Maeyer

    Vormen van schoolzelfevaluatie hebben het voorbije decennium in heel wat onderwijssystemen ingang gevonden. Zulke schoolzelfevaluaties stellen scholen op verschillende manieren voor concrete uitdagingen. Naast beleidsmatige aspecten van het zelfevaluatieproces dringen zich - om tot een kwaliteitsvolle zelfevaluatie te komen - ook een aantal onderzoeksmatige aandachtpunten op. Deze studie brengt in kaart in welke mate zelfevaluaties volgens Vlaamse leraren aan beleidsmatige én onderzoeksmatige eisen voldoen. Daarnaast wordt nagegaan of verschillen in het verloop van zelfevaluaties verklaard kunnen worden door kenmerken van de schoolcultuur. Op basis van een online survey-onderzoek bij ruim 1500 leraren wordt een padmodel getoetst dat antwoorden hieromtrent mogelijk maakt. De resultaten tonen aan dat leraren slechts gematigd positief zijn over zelfevaluatieprocessen in hun school en dat cultuur-kenmerken in zekere mate mee bepalend zijn voor een goed verloop van de zelfevaluatie. Het effect van culturele verschillen op de zelfevaluatie is echter beperkt.

  • Docentonderzoek nader bekeken: een reviewstudie naar de aard en betekenis van onderzoek door docenten

    R.C. Zwart, B. Smit, W.F. Admiraal

    Docentonderzoek wordt gezien als een gewenst onderdeel van de expertise van docenten. Echter, in de nationale en internationale literatuur is onduidelijk hoe docentonderzoek gekarakteriseerd wordt en hoe het zich onderscheidt van ander onderwijsonderzoek en van goed lesgeven. Deze literatuurstudie is erop gericht meer duidelijkheid te scheppen over de aard en de betekenis van docentonderzoek. Reguliere databases zijn systematisch onderzocht op artikelen over onderzoek door docenten uit de periode 2009-2012. Op basis van een analyse van 160 artikelen worden vier meest voorkomende vormen van docentonderzoek in kaart gebracht, te weten: Action research, Lesson study, Self-study en Design-based research. Tevens worden voorbeelden van elk van deze typen docentonderzoek gegeven. Daarnaast wordt aandacht besteed aan aanbevelingen voor het verbeteren van docentonderzoek. Duidelijk wordt dat docenten in het basis- en voortgezet onderwijs die onderzoek doen, dit onderzoek vooral richten op directe verbetering van de onderwijspraktijk of hun eigen professionalisering. Wat weinig voorkomt, is dat docent-onderzoekers hiermee ook een bijdrage leveren aan het genereren van kennis over onderwijs. Dit zogenoemde ‘academische docentschap’ zou echter wel een oplossing kunnen bieden voor de spreekwoordelijke kloof tussen onderwijsonderzoek en onderwijspraktijk.

  • Pedagogical content knowledge van leerkrachten wiskunde en gedragswetenschappen: een verkenning van overeenkomsten en verschillen

    F. Depaepe, K. Vermeir, A. Deketelaere, A. Appeltans, A. Berry, G. Kelchtermans

    De notie pedagogical content knowledge (PCK) werd door Shulman (1986, 1987) geïntroduceerd en verwijst naar de kennis die leerkrachten inzetten bij het ondersteunen van het leren van bepaalde leerinhouden bij leerlingen, rekening houdend met specifieke leerling- en contextkenmerken. De voorliggende studie onderzoekt de PCK van wiskundeleerkrachten en leerkrachten gedragswetenschappen bij het onderwijzen van respectievelijk de normale verdeling en het nature-nurture debat. Daarenboven beoogt de studie de invulling die beide groepen leerkrachten aan PCK geven te vergelijken en na te gaan in welke mate de manier waarop leerkrachten denken over het onderwijzen van hun vak beïnvloed wordt door het vak dat ze onderwijzen. Gebaseerd op de conceptualisering van PCK door Loughran, Berry en Mulhall (2012) werden semigestructureerde interviews afgenomen bij vier leerkrachten wiskunde en vier leerkrachten gedragswetenschappen die aan dezelfde groep leerlingen uit de bovenbouw van het secundair onderwijs lesgeven. De interpretatieve analyse van de data toont zowel treffende verschillen (bijv. in de keuze en verantwoording van lesdoelen) als enkele gelijkenissen (bijv. ter evaluatie van de leerinhoud) tussen de PCK van leerkrachten wiskunde en gedragswetenschappen. Daarnaast merken we niet enkel verschillen in de PCK van leerkrachten tussen beide disciplines, maar ook binnen eenzelfde discipline.

  • Gender en etnische diversiteit op school: Een kwantitatief onderzoek naar genderverschillen in de relatie tussen etnische diversiteit en interetnische vriendschap

    S. Thys

    Vooralsnog focust onderzoek over interetnische vriendschap op school vooral op de etnische samenstelling van de school als belangrijkste determinant van interetnisch contact. Ondanks het feit dat meisjes en jongens verschillend omgaan met etnische diversiteit, is er echter weinig onderzoek dat een genderfocus opneemt bij de studie van interetnische vriendschap. Daarom bekijkt dit artikel genderverschillen in de relatie tussen etnische diversiteit op school en interetnische vriendschap. Multilevel analyses werden uitgevoerd op data van 11 872 leerlingen, verzameld in 2004-2005 in 85 Vlaamse secundaire scholen. Op deze data werd het effect van een interactie tussen gender en etnische diversiteit op interetnische vriendschap getest. Tegen de theoretische verwachtingen in, verschillen meisjes niet significant van jongens op het vlak van interetnische vriendschappen, en zijn er geen genderverschillen in de relatie tussen etnische diversiteit op school en interetnische vriendschap. De onderzoekmatige en maatschappelijke implicaties van deze resultaten worden in de discussie besproken.