Vol 91 Nr 5 (2014)
Artikel
-
Sociaal emotioneel klimaat in de klas
Dit themanummer brengt een breed palet aan conceptuele en methodische benaderingen bijeen om het sociaal emotionele klimaat in de klas te bestuderen. Interacties en relaties tussen leerlingen onderling en tussen leerlingen en docenten worden bestudeerd in basis- en voortgezet onderwijs vanuit verschillende theoretische benaderingen (gehechtheidsperspectief, interpersoonlijke theorie, sociale netwerk theorie, zelfdeterminatietheorie). Er worden verschillende methoden van dataverzameling ingezet (observaties, zelfrapportages) om interacties en relaties te bestuderen op zowel leerling- als klasniveau en op verschillende tijdniveaus variërend van moment tot moment tot een schooljaar.
-
Beleving van de peer context in de klas: samenhang met sociaal functioneren, academisch functioneren en zelfbeeld
In het onderzoek naar relaties tussen leerlingen in de klas is de manier waarop leerlingen deze relaties beleven onderbelicht gebleven. In dit onderzoek werd daarom nagegaan hoe leerlin-gen de peer context in hun klas beleven en welke individuele verschillen hierin bestonden. Er namen 1491 leerlingen uit 59 groepen 7 deel. Ze vulden een vragenlijst in over de peer context in de klas in termen van coöperatie, conflict, cohesie, isolatie en verbondenheid. Peer nominaties werden gebruikt om sociaal functioneren (acceptatie, populariteit, victimisatie) en academisch functioneren te meten. Tevens vulden leerlingen een vragenlijst in over hun gevoel van eigenwaarde en hun sociaal en academisch zelfbeeld. Populariteit bleek positief samen te hangen met de ervaren mate van conflict en isolatie. Academisch functioneren hing negatief samen met de ervaren mate van coöperatie en cohesie. Eigenwaarde en sociaal zelfbeeld waren positief gerelateerd aan de beleving van coöperatie, cohesie en verbondenheid met de klas en negatief aan ervaren conflict en isolatie. Tot slot werden enkele verschillen gevonden tussen jongens en meisjes. Geconcludeerd kan worden dat zowel ervaringen met klasgenoten als het zelfbeeld van leerlingen gerelateerd zijn aan de beleving van leerlingen van de peer context, waarbij zelfbeeld de belangrijkste rol speelt.
-
Leraar-leerlingrelaties in de klas: toekomst voor onderzoek
Deze afsluitende bijdrage aan dit themanummer schetst de geschiedenis van Nederlands onderzoek naar leraar-leerlingrelaties vanuit interpersoonlijk perspectief en plaatst dit in het kader van de theorie van dynamische sociale systemen. Nadat aandacht is besteed aan de bijdragen in dit nummer wordt de toekomst van het onderzoek naar sociaal-emotioneel klimaat in de klas besproken. Om tot een omvattende beschrijving van relaties te komen, wordt gepleit voor integratie van de verschillende gehanteerde theoretische benaderingen: interpersoonlijke, gehechtheids- en zelfdeterminatietheorie aangevuld met de sociale-referentie- en netwerktheorie. Er wordt een benadering gepresenteerd voor de relaties tussen variabelen in het klasklimaat, leraars- en leerlingvariabelen en onderwijsopbrengsten waarin aandacht is voor mediërende en modererende factoren. Na opmerkingen over de te hanteren onderzoeksmethoden volgt een analyse van wat nodig is om meer aanwijzingen voor de praktijk te kunnen geven: dieper inzicht in de wederzijdse verbanden tussen gedrag van moment tot moment en de kwaliteit van de relaties van leraren met hun leerlingen. Dergelijk inzicht zal indicaties geven voor gedrag waarmee leraren goede relaties in de klas kunnen realiseren.
-
Leerkracht-leerlingrelaties vanuit een motivationeel perspectief: het belang van betrokken en ondersteunende docenten
Leerkracht-leerlingrelaties worden in deze bijdrage benaderd vanuit een motivationeel perspectief. Als theoretische basis wordt hiervoor gebruik gemaakt van de zelfdeterminatie-theorie. In een eerste deel komen de basisveronderstellingen alsook de centrale concepten van de zelfdeterminatietheorie aan bod. De vertaling van de theorie naar de onderwijscontext c.q. leerkracht-leerlingrelaties staat hierbij centraal. In een volgend deel wordt empirische evidentie voor dit motivationeel perspectief aangedragen aan de hand van vier onderzoeken in Nederland (in de bovenbouw van het basis- en eerste jaar voortgezet onderwijs). Aan bod komen het typeren van leerkracht-leerlingrelaties in relatie tot psychologische basisbehoeftenvervulling, evoluties in leerkracht-leerlingrelaties in de loop van een schooljaar en verbanden tussen ken-merken van leerkracht-leerlingrelaties en affectieve opbrengsten (motivatie, inzet) bij leerlingen. Evoluties in en verbanden tussen leerkracht-leerlingrelaties en affectieve opbrengsten werden onderzocht door middel van multiniveau (groeicurve)analyses. De bijdrage eindigt met een bespreking van de relevantie van de zelfdeterminatietheorie voor het optimaliseren van leerkracht-leerlingrelaties ten behoeve van het motiveren en stimuleren van de inzet voor school van leerlingen.
-
De rol van leerkracht-kind interacties in de ontwikkeling van probleemgedrag tijdens de transitie naar de lagere school
Deze longitudinale studie onderzocht de unieke bijdrage van conflict in de dyadische leerkracht-kind relatie, enerzijds, en emotionele steun van de leerkracht op klasniveau, anderzijds, aan de ontwikkeling van agressief gedrag tijdens de transitie van de kleuter- naar de lagere school. Tevens werd nagegaan of deze leerkracht-kind interacties de verdere toename van agressie bij kinderen met relatief veel agressief gedrag in de kleuterperiode konden versterken of bufferen. Deelnemers waren 199 kinderen (34 klassen) die werden gevolgd tijdens de overgang van de derde kleuterklas (groep 2) naar het eerste leerjaar (groep 3). Relationeel conflict en emotionele steun van de leerkracht van groep 3 werden beoordeeld door onafhankelijke observatoren. De leerkrachten beoordeelden de mate van agressief gedrag van het kind. Multi-niveau analyses toonden dat kinderen die een meer conflictvolle relatie hadden met hun leerkracht relatief meer agressie gingen tonen op het einde van groep 3. Relationeel conflict ging ook gepaard met een versterking van agressie bij kinderen die reeds veel agressie vertoonden in de kleuterleef-tijd. Emotionele steun van de leerkracht bleek geen betekenisvolle bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van agressief gedrag. Deze bevindingen bevestigen de rol van de kwaliteit van leerkracht-kind relaties in de ontwikkeling van probleemgedrag bij leerlingen.
-
De docent en het sociale klimaat in de klas: een exploratieve studie naar verschillende aspecten van docent-leerling relaties
In Nederland wordt het beeld dat leerlingen hebben van de relatie met hun docent - vastgesteld met de Vragenlijst voor Interpersoonlijk Leraarsgedrag (VIL) - veel gebruikt als informatie bij de opleiding en professionalisering van docenten. In deze studie wordt geëxploreerd welke aanvullende informatie andere indicatoren voor de kwaliteit van de docent-leerlingrelatie kunnen bieden ter verbetering van het sociale klimaat in de klas. Aan de hand van interviews en observaties hebben we in deze studie voor vier beginnende docenten hun interpersoonlijke identiteitsstandaard, zelfschema’s over positieve en problematische relaties met individuele leerlingen, hun appraisal van een lesstart, en hun real-time gedrag tijdens een lesstart in kaart gebracht. Uit de resultaten blijkt dat voor ieder van de vier onderzochte docenten andere indicatoren aanvullend zijn op het leerlingenbeeld. Dit heeft consequenties voor het gebruik van deze informatie bij de opleiding en professionalisering van docenten.